• Reinder Scherpenzeel

Poëzie

De dichter is een vriend van mij. Laatst stonden we samen met een muzikant in het theater. Wijn, poëzie en muziek combineren goed. Nu is hij in de winkel om nog wat wijnen terug te proeven. Ik weet dat er binnenkort een nieuwe bundel van hem uitkomt en vraag hoe het ermee gaat. ,,Inmiddels goed, maar dat heeft wel even geduurd. Dit is mijn twaalfde dichtbundel. Ze komen ongeveer om de drie jaar uit. Meestal weet ik na anderhalf jaar wel wat ik heb en wat het gaat worden, maar nu had ik nog geen idee. Misschien heeft dat te maken met de geboorte van mijn tweede dochter. Van een vader van een kind werd ik de vader van een gezin. Dat neemt mijn gedachten veel meer in beslag met als gevolg dat ik eerder tevreden was met mijn gedichten. Ten onrechte, want later bleek het nog een heel werk om ze af te maken. Dat heb ik de afgelopen periode nachtenlang gedaan. En nu is het aan het lukken."

,,Ik vind een gedicht af als het meer is dan het verhaaltje waarmee het begint. Er moeten lagen onder liggen. Soms denk ik zelf dat ik van alles bedoel, maar als ik het een tijd later teruglees, haal ik het er niet meer uit. Dan heb ik dus nog wat te doen. Het is een dunne lijn tussen een toegankelijk gedicht en geouwehoer dat op een gedicht probeert te lijken. Soms duurt het even voordat ik het onderscheid kan maken. Als een gedicht toegankelijk is, moet er júist iets achter zitten. Anders geeft het toegang tot niets."

,,Moeilijk te zeggen waaraan je mijn gedichten kunt herkennen. Het zijn in ieder geval ritmische teksten met veel klank. En je hoeft nooit naar de boekenkast te lopen om het woordenboek erbij te pakken. Het zijn lopende zinnen zonder moeilijke woorden."

,,Hoewel het dus goed gaat met de bundel, vertrouw ik hem nog niet helemaal. Het is zonder twijfel het meest persoonlijke en eerlijke boek dat ik ooit geschreven heb. Dit is nieuw terrein voor mij. Ik worstel en twijfel in mijn poëzie, zoals in het gedicht over mijn nieuwe leven, met als slotzin: Soms kijk ik, over het hoofd van het kind in mijn armen heen, in de spiegel of ik op een vader lijk."

,,Dit gaat over mij, maar heeft een ander er ook iets aan? Dat weet ik nog niet zeker."