• Aad van Zelst

Fluoride in het drinkwater?

'Tiel-Culemborg-onderzoek' belangrijk voor verbetering mondhygiëne Nederland

CULEMBORG In de jaren '50 was tandbederf ('cariës') in Nederland nog echt een volksziekte en was er weinig algemeen bekend over goede gebitsverzorging. Het was niet ongewoon als een bruid voor haar huwelijk een kunstgebit cadeau kreeg, inclusief een bezoek aan de tandarts om haar resterende tanden en kiezen te laten trekken. Vroeg of laat zou dat toch gebeuren.

door Eric Jansen

In 1901 startte tandarts Frederick McKay een praktijk in het Amerikaanse Colorado Springs. Het viel hem op dat veel van zijn patiënten verkleuringen van hun tanden hadden, ongeacht ras, geslacht of levensomstandigheden. McKay kreeg het vermoeden dat deze verkleuringen iets te maken hadden met het drinkwater, wat aldaar rijk was aan fluoride. Ook in andere gebieden met fluoriderijk drinkwater waren deze verkleuringen te constateren. Verder onderzoek wees uit dat verkleurde tanden en kiezen minder gevoelig waren voor tandbederf. Reeds in 1907 verscheen in Amerika al de eerste tandpasta met fluoride.

TIEL-CULEMBORG-ONDERZOEK Nederland speelde een belangrijke rol in verder onderzoek naar fluoride. In 1947 verzocht de minister de Gezondheidsraad te adviseren over drinkwaterfluoridering. Hiervoor werd in 1953 een groot en langdurig onderzoek gestart: het "Tiel-Culemborg onderzoek". Aan het drinkwater van Tiel werd fluoride toegevoegd, terwijl het ongefluorideerde drinkwater van Culemborg als controle diende.

De tandartsen noteerden jarenlang de gebitsstatus van de kinderen die in Tiel en Culemborg opgroeiden. Hieruit werd duidelijk dat fluoride de voortgang van tandbederf niet zo zeer voorkwam, maar wel remde en het gebruikt moest blijven worden om effect te hebben en houden. Wetenschappers ondersteunden het belang van fluoride; uiteindelijk kregen begin jaren ´60 steeds meer plaatsen in Nederland gefluorideerd drinkwater. Dit stuitte op toenemende protesten. Tegenstanders zeiden dat fluoride de botten kon aantasten of zelfs kanker kon veroorzaken. Een ander argument was dat de staat burgers niet mocht dwingen een geneesmiddel in te nemen via het drinkwater. In die tijd was fluoride een veelbesproken onderwerp in Nederland. Het ´Tiel-Culemborg-onderzoek´ liep tot 1973.

Algehele fluoridering van het drinkwater in Nederland werd uiteindelijk nooit ingevoerd. Een aantal uitspraken van de Hoge Raad maakten dit onmogelijk. Het hoofdargument was de vrijheid van de Nederlanders om te kunnen kiezen tussen drinkwater met of zonder fluoride, dit maakte het invoeren hiervan praktisch onmogelijk.

Inmiddels was fluoride verkrijgbaar in bijna alle tandpasta's. Fluoridetandpasta, het `Tiel-Culemborg onderzoek´ en de daarmee toegenomen aandacht voor mondhygiëne zorgden voor een spectaculaire verbetering van de gebitsverzorging en afname van cariës in Nederland.

UIT DE PRAKTIJK Tandarts Aad van Zelst (77 jaar) heeft nog steeds een kleine praktijk in Buren. Als tandarts werkte hij van 1970 tot 2011 in Culemborg. Hij kent het 'Tiel-Culemborg-onderzoek' goed en herinnert zich de fluoride-discussie: ,,Na 1945 was er een groot gebrek aan tandartsen en weinig voorlichting. Cariës was toen een gigantisch probleem, veel tandbederf werd opgelost door snel te trekken. Er waren zelfs al gebitsprotheses voor kinderen in de maak. In de tijd van het onderzoek waren de meeste tandartsen en patiënten voor fluoridering van het drinkwater, omdat de resultaten positief waren en het ook goed zijn tegen osteoporose (bontontkalking). Mede doordat de wetgeving niet goed in elkaar zat, is de fluoridering uiteindelijk nooit landelijk ingevoerd.

,,De mondhygiëne is daarna wel flink toegenomen, maar ik ben nog steeds voorstander van fluoridering van het drinkwater, omdat mensen het dan sowieso gebruiken. Cariës onder de jeugd neemt juist weer toe tegenwoordig, door toename van snoepen en (verkeerde) poetsgewoontes."

Bronnen:

-"Geschiedenis Fluoride", Tandarts.nl

-"Fluoride", www.geertsemamondverzorging.nl

-"Fluoride en cariësafname bij kinderen", Nederlands tandartsenblad

-"Lekker vechten", Prof. dr. Martijn B. Katan